1857 – De postruiter

De Kleine Postruiter van Suske en Wiske uit 1990 in een 'filatelistische' uitgave (bron)

De Kleine Postruiter van Suske en Wiske uit 1990 in een ‘filatelistische’ uitgave (bron)

Om een poststuk van A naar B te krijgen moet je het ergens mee vervoeren. In de 19e eeuw was de keus eenvoudig, het kon te paard, met de koets en met de trein. Maar eerder was het vooral de bode te paard die de poststations af reed. Zeker als het snel moest.

Voor de geschiedenis van de postruiter moeten we ver terug. Ieder zich respecterend wereldrijk, zoals het Perzische rijk van Cyrus en Darius rond 500 voor Christus, had een systeem van bodes te paard om de boodschappen van de heerser te verspreiden over het volk en (vooral) het leger en andersom kon de koning ook meer te weten komen over de toestand in het rijk. Andere communicatie was er niet, alle kleitabletten en rollen papyrus moesten op die manier overgebracht worden. Zo deden de Egyptenaren en de Romeinen het ook en zo bleef het nog lang gaan. De Romeinen legden voor het eerst ook wegen aan om in principe legers sneller te kunnen verplaatsen, maar ook het postvervoer had daar baat bij.

Zegels ter viering van 500 Jaar postverbindingen, in 1990 uitgegeven door DDR. BRD, Berlijn (afb. Mi 860, België en Oostenrijk (afb. Mi 1978)

Zegels ter viering van 500 Jaar postverbindingen, in 1990 uitgegeven door DDR. BRD, Berlijn (afb. Mi 860), België en Oostenrijk (afb. Mi 1978), naar een gravure van Albrecht Dürer.

Thurn und Taxis Mi 25 uit 1859

Thurn und Taxis Mi 25 uit 1859

In 1490 werd in het rijk van Rooms-koning (en aankomend keizer) Maximiliaan een nieuwe trend ingezet: georganiseerd postvervoer binnen de Habsburgse landen. Zo’n systeem was hard nodig want het rijk lag met zijn Spaanse en Oostenrijkse bezittingen nogal onhandig om Frankrijk heen en om iets van Brussel naar Madrid te krijgen kon niet rechtstreeks maar moest via een stad als Innsbruck. Nu was er een familie uit de buurt van Bergamo die in de 13e eeuw al wat ervaring had: Amadeo Tasso uit het dorpje Camerata Cornello had rond 1290 een postdienst opgezet die poststukken vervoerde tussen Milaan, Venetië en Rome. Met die naam en faam in de achterzak werden ze opgemerkt door Maximiliaan, die zijn regering in Innsbruck had gevestigd en
van daaruit wilde communiceren met zijn kinderen en landvoogden elders in het rijk. Janetto de Tasso, in het Duits Janetto von Taxis, werd hiervoor in 1490 aangezocht en samen met zijn broer Francesco (Franz) en zijn neef Johann Baptista nam hij de opdracht aan. Franz bleek hierin het meest ondernemend en al in 1496 was de dienst tussen Mechelen en Brussel naar Innsbruck en Wenen in bedrijf. Dit was het begin van een enorm Europees netwerk dat tot 1866 standhield. Vanaf 1850 verzorgde de familie von Thurn und Taxis (sinds 1650 mochten zij zich zo noemen), alleen nog de post van al die Duitse staten die geen eigen postdienst hadden opgezet en gaven daar ook postzegels voor uit.

Postruiter op Baltimore Mi 8 uit 1857

Postruiter op Baltimore Mi 8 uit 1857 (bron)

Vanaf ongeveer 1740 werd er voor het eerst met koetsen gewerkt, maar het vervoer te paard behield een nostalgische lading die vele malen afgebeeld is op postzegels. De eerste keer dat zo’n postruiter werd afgebeeld was in Baltimore in de staat Maryland waar de lokale postdienst een Carrier Stamp uitbracht met een nogal wijdbeens galopperend paard. Dat was in 1857, maar veel van de gebruikte exemplaren blijken uit 1859 te zijn. Er waren een zwarte en een rode, allebei met een waarde van 1 cent. Wie de zegels gemaakt heeft is niet bekend, meestal zijn sommige Amerikaanse veilingsites daarover goed geïnformeerd, maar hier geen spoor van informatie. Maar het is in ieder geval een aardig zegeltje en zeker niet heel zeldzaam. Wat interessant is: tot 1971 was deze postruiter het logo van het Amerikaanse departement van Posterijen.

Opvliegerige types die adelaars, ofwel hoe een Carrier Stamp het icoon van de Amerikaanse posterijen leverde. Daarover volgende keer.