Werelderfgoed op postzegels: tweede helft 1894 en 1895

Brazilië 1894 met de Pão de Açúcar en het Zuiderkruis

De tweede helft van 1894 liet Brazilië weer wat van zich horen. Het was inmiddels alweer tien jaar eerder dat de de Pão de Açúcar op een zegel stond die ik helaas niet heb. Maar nu kwam er een veel bereikbaarder ontwerpje uit. Tijd dus om ook wat meer over Het bijzondere landschap van Rio de Janeiro te vertellen.

Brazilië werd aan het eind van de 15’de eeuw ontdekt door waarschijnlijk Portugese zeelieden, die daar verder niets mee deden. De Portugese koning dacht er echter anders over en in 1500 stuurde hij de edelman Pedro Alvares de Cabral erop uit om het gebied voor Portugal in te nemen en zodoende staat Cabral als ontdekker in de geschiedenisboekjes. Al gauw werden wat handelsposten opgezet en binnen 20 jaar was Portugees de algemene voertaal op de Braziliaanse kusten. Ook andere kolonisten vestigden zich er en dat was de reden voor de stichting van Rio de Janeiro: de daar aanwezige Fransen moesten het land uit, want zij schonden volgens de Portugezen het Verdrag van Tordesillas dat de rest van de wereld afbakende in een Spaanse en een Portugese invloedssfeer.

De Fransen moeten al onder de indruk zijn geweest door het spectaculaire landschap ter plaatse, de Portugezen waren het niet minder. Estácio de Sá was ten slotte degene die tussen de steile pieken een stad stichtte die hij vernoemde naar wat hij vermoedde een rivier was, maar uiteindelijk een baai (tegenwoordig de Guanabara-baai) bleek te zijn: Rio de Janeiro. Zo’n 100 jaar later werd Rio hoofdstad van het zuidelijk deel van de Portugese koloniën in Zuid-Amerika. Die status veranderde in 1808 toen de Portugese koning Joao VI naar Brazilië vluchtte om aan de vloek van Napoleon te ontkomen. Toen was Rio zelfs enige tijd hoofdstad van het Portugese Rijk. Nadat Brazilië een zelfstandig keizerrijk onder Pedro I en Pedro II was geworden bleef Rio de hoofdstad, totdat in 1958 in het oerwoud de stad Brasilia verscheen om die taak over te nemen.

Zoals gezegd ligt Rio de Janeiro tussen hoge granieten bergpieken. De bekendste daarvan zijn de Corcovado (letterlijk vertaald ‘de Gebochelde’), waar bovenop sinds 1931 Cristo Redentor staat, en de Pão de Açúcar (het Suikerbrood), die een schiereiland vormt tussen de Guanabara-baai en de Atlantische Oceaan. Het is deze laatste die aan het einde van de 19’de eeuw opkwam als beeldmerk van Rio de Janeiro als belangrijkste stad van Brazilië en waarschijnlijk heel Zuid-Amerika als je de bewoners zou moeten geloven. Samen met de andere pieken, de baai en het strand van Copacabana vormt dit de inschrijving ‘Rio de Janeiro, Carioca Landscapes between the Mountain and the Sea’, waarbij Carioca staat voor alles wat met Rio te maken heeft, zoals en met name de bewoners en hun bijzonderheden.

De postzegels kwamen vanaf 20 september uit en heten in de volksmond Madrugada (de Dageraad). Ze komen wat onbeholpen over wat mat name te zien is aan de tanding (soms wel 7) en het feit dat in het vel de zegelbeelden maar een millimeter, hooguit twee, uit elkaar liggen. Later, in 1900 en 1904 zijn er betere gemaakt. Het Suikerbrood staat op zegels van 10, 20 en 50 Reis, beschenen door een ander Braziliaans symbool: het Zuiderkruis. De 10 komt in twee varianten voor: met aan beide zijden van het waardeschild REIS of met links DEZ en rechts REIS. De 50 komt ook in twee smaken, de ene in twee drukgangen, dus in twee verschillende kleuren blauw en vaak met licht verschoven middenstuk, de andere in één drukgang, dus een kleur blauw. Hogere waardes van de serie hebben als afbeelding een vrijheidskop en de hoogste (1000 en 2000 Reis) Mercurius.

Het nieuwe Palazzo Pubblico werd op 30 september gevierd.

San Marino had iets te vieren, het beeldbepalende nieuwe regeringsgebouw (Palazzo Pubblico) was af en kon feestelijk geopend worden. Tien jaar eerder was de bouw van het door de Romeinse architect Francesco Azzuri (1831-1901) ontworpen bouwwerk begonnen op de plaats waar sinds de 14’de eeuw al een vergaderzaal stond voor de Sammarinese familiehoofden.

Een drietal herdenkingszegels hoorde bij de feestelijkheden. Daarmee hebben we de eerste bijzondere uitgifte in de collectie. En ook nog eens grotere zegels dan we tot nu toe gezien hebben. Ze werden in tweekleurendruk gemaakt en ze tonen alle het regeringsgebouw. Op de 25 centesimi in lichtblauw en bruin, zie je het recht van het zuiden, wat tamelijk knap is, gegeven het feit dat de stad San Marino op een heuvelrug ligt en er aan de zuidzijde op die hoogte geen enkele bebouwing is vanwaaruit de kunstenaar kon werken. De omlijsting van het gebouw is een klaverbladfiguur. Een andere compositie zie je op de 50 centesimi in oranje en bruin, laat het gebouw in een driehoek zien, maar wel vanuit dezelfde richting. De derde zegel, van 1 lire in groen en bruin, toont het interieur van het gebouw. Op alle zegels wordt de datum van de feestelijkheden, 30 september 1894 vermeld, dit was tevens de laatste dag van de halfjaarperiode van de kapitein-regenten, die ieder jaar op 1 april en 1 september ververst worden. De portretten van Francisco Marcucci en Pietro Tonnini staan op alle drie de zegels en dat is volgens mij de enige keer dat de (grotendeels ceremoniële) staatshoofden op een postzegel verschenen. Saillant detail is, dat Tonnini juist op 22 september overleden was.

De laatste nieuwe zegels met de wapentekening. De 1 lire ontbreekt, want prijzig.

Aan het eind van het jaar volgden nog vijf waardes van de wapenserie in andere kleuren waarmee deze serie definitief afgesloten werd.

1895 was een mager jaar. Er kwam slechts 1 zegel uit en dat was in Noord-Borneo: een door middel van een opdruk POSTAGE DUE tot portzegel getransformeerde Kinabaluzegel. Acht van de negen zegels van de serie werden overigens overdrukt, de een horizontaal, de ander verticaal. Bij de 18 cents zijn er als enige beide varianten van de opdruk bekend.

 

Een mooi overzicht van Rio begeleid door Sergio Mendes: Mas que nada