1 januari 1869 – Diego Castell

Het zegel van Castell (bron)

Vorige keer ging het over postaal gebruikte belastingzegels, nu belicht ik een andere soort: de portvrijdomzegels. Deze vorm kwam het eerst officieel voor in Spanje. En dat kwam zo…

In de late jaren 60 van de 19e eeuw was het in Spanje weer eens een puinhoop. In 1868 was koningin Isabella II aan de kant gezet, nadat haar belangrijkste vertrouwelingen overleden waren. Hoewel er onder haar bewind veel bereikt werd, waren er ook nog een aantal zaken die verbetering behoefden. Zoals de postdienst.

Sinds 1850 had Spanje postzegels en werd het een gewoonte om vooraf de porto te betalen. Het enige probleem was dat post lang niet altijd aankwam, want de adressering was vaak zodanig fout dat een brief eenvoudigweg niet aan kón komen en daarbij was de afzender ook nog eens zoek. Gevolg was dat er stapels weliswaar correct gefrankeerde poststukken waren, maar dat deze zich alsnog ophoopten wegens onbezorgbaarheid. De Spaanse posterijen hadden daar na verloop van tijd een begrijpelijke maar ongewenste oplossing voor: gooi ze in de kachel, dan ben je ervan af. Gevolg was dat de Spaanse post door velen terecht als uiterst onbetrouwbaar werd versleten.

In plaats van woorden ging de drukker Diego Castell Fernandez over op daden. Hij had goede contacten bij de post en kende het probleem. Samen met zijn relaties bedacht hij in 1866 een plan om de postbezorging in goede banen te krijgen. Het werd door Isabella goedgekeurd en aan het eind van 1868 had hij een folder van 18 pagina’s klaargestoomd met de naam ‘Cartilla Postal de España’ wat zeer vrij vertaald ‘Het ABC van de Spaanse Post’ betekent. Erin stond beschreven wat een correcte adressering was, waar de postzegel moest en in welk tarief, alsmede het vermelden van de afzender, allemaal handige weetjes, om het eenvoudiger en vooral efficiënter te maken dan tot die tijd het geval.

Een vaker voorkomende vorm van portvrijdom is ten behoeve van militairen: hier enkele Franse exemplaren.

De doelgroep bestond uit scholieren en het pamflet zou dus over ruim 24000 scholen verspreid gaan worden. Om dat plan te laten slagen kreeg Castell het alleenrecht een door hemzelf gemaakte postzegel te gebruiken, die hij ook als voorbeeld in het pamflet had gebruikt: een eenvoudig ontwerpje van een envelop in een ovaal met de titel van zijn folder. De toestemming gold van 1 januari tot en met 30 juni 1869.

De postzegel werd erkend als eerste portvrijdomzegel ter wereld. Diverse landen zouden volgen en meestal voor grotere organisaties en goede doelen, zoals het Rode Kruis, maar ook voor minder goede doelen, zoals het partijkader van de NSDAP, die in de catalogi overigens onder dienstzegels van de Nazipartij worden geschaard. Nederland ontwikkelde zijn eigen vorm zo’n 20 jaar geleden, de zogenaamde Port Betaaldzegel. Deze zijn alleen maar in de NVPH-catalogus vermeld en niet in internationale catalogi.

Hoe het met Diego Castell afliep? Het resultaat van zijn actie heeft hij niet meer mee kunnen maken, hij overleed later in 1869.

Volgende keer komt de Witte Raja aan het woord.

 

Bronnen: Knipsel uit 1973 en diverse artikelen onder archive.org