1868 – De Cerro Rico

Wapen van Bolivia op een regeringsgebouw in Sucre (eigen foto)

Een van de meest bijzondere steden in Zuid-Amerika is het Boliviaanse Potosí. Ooit was het de zilverstad van het Spaanse wereldrijk en dat vanwege de vondst van een zilverader in de Cerro Potosí, beter bekend als Cerro Rico (‘rijke berg’) in de vroege jaren 40 van de 16e eeuw.

Al in 1545 werd er een mijnwerkersnederzetting aan de voet van de berg gebouwd en deze groeide in de volgende eeuw uit tot een van de grootste steden van Zuid-Amerika met uiteindelijk zo’n 200.000 inwoners. Maar een klein deel daarvan was werkzaam in de mijnen, de andere inwoners waren vooral ‘facilitair’ bezig. Gezien de hoogte – met ca. 4000 meter kan Potosí claimen de hoogstgelegen stad ter wereld te zijn! – is enige vorm van landbouw immers onmogelijk en alles moest dus vanuit vruchtbaarder streken naar de stad verhandeld worden.

Casa de Moneda in Potosí, links de voorgevel, midden het ‘logo’, rechts de binnenplaats (eigen foto’s, klik voor vergroting)

In 1572 begon de bouw van de Casa Real de la Moneda: in plaats van het zilver rechtstreeks voor bewerking naar Spanje te brengen werden er ter plekke munten van geslagen. Men vermoedt dat zeker driekwart van Piet Hein’s zilvervloot, welke hij in 1628 op de Spanjaarden veroverde, uit materialen bestond die in Potosí gedolven waren. Dat was ondertussen niet alleen zilver meer: in de loop van de volgende eeuwen werden ook lood, koper, wolfraam, tin en zink gevonden en gedolven.

De Cerro Rico torent hoog uit boven de rechtbank van Potosí (eigen foto)

In het begin van de 19e eeuw kwam de mijnbouw tot een abrupt eind vanwege de onafhankelijkheidsoorlogen en uitputting van de mijnen. De Spanjaarden namen zo’n beetje alles mee wat ze nog konden vinden, Potosí achterlatend als een arme stad, waar nog maar zo’n 10.000 mensen woonden. Sindsdien heeft de stad zich aardig kunnen herstellen en tegenwoordig is het een levendige plaats met veel koloniale architectuur en 140.000 inwoners. De mijnbouw maakt nog maar een klein deel van de nijverheid van de stad uit, er worden vooral mineralen gedolven voor verzamelaars en toeristen vinden hun weg in de stad en in de publiekelijk opengestelde mijnen. Ook Zegelgek mocht, in 1998, het genoegen smaken in Potosí te verblijven. Toen stond de stad met de mijnen inmiddels al weer elf jaar ingeschreven op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.

Munt van 50c uit 1991, ook hierop het wapen.

De eerste verschijning van Potosí (lees de Cerro Rico) op een postzegel was in 1868. Sinds jaar en dag immers is de berg het hoofdonderdeel van het wapen van Bolivia en daarin goed herkenbaar.

Bolivia Mi 10 uit 1868 met 9 sterren (ebay).

 

Dit wapen bestaat naast de Cerro Rico uit wat kleinere onderdeeltjes. Allereerst is daar de zon die boven de top staat. Op de zegels staat deze linksboven, naast de top. Dit is een variant die in 1851 vastgelegd werd als officieel wapen. Verder is er een alpaca op de berg. Wat hij daar te zoeken heeft is puur symbolisch want op deze hoogte is er geen hap te eten. Een derde onderdeel is iets wat op een kerkje lijkt, maar in feite de toegang tot de mijn symboliseert. Ten slotte vinden we nog een korenschoof en een broodboom, symbolen van welvaart, maar op de postzegels zijn deze moeilijk of niet te zien.

Rondom het schild stonden in 1868 negen sterren, staande voor de departementen van het land. Dit veranderde al gauw naar elf, maar na de oorlog met Chili en Peru rond 1880 verloor Bolivia zijn verbinding met de kust en waren het er weer negen. Tegenwoordig staan er tien sterren bij het wapen. Dit wordt verder ondersteund voor zes vlaggen aan zes speren, twee kanonnen, vier geweren en een Incabijl en bovenop zetelt een condor in een krans. In de laatste versie zijn er twee geweren verdwenen en is er een Frygische muts bij gekomen.

Mi 226 (1933), Mi 20 (1878), Mi 39 (1894), Mi 125 (1923), Mi 102 (1916), Mi 26 (1891), Mi 22 (1887, 11 sterren) en Mi 113 (1919)

In 1866 begon het in Bolivia met een wat gestileerde condor, maar vanaf 1868 was er dus voor het eerst het wapen. Tot 1897 kwam het op ieder zegel voor, maar in dat jaar kwam er een serie beroemdheden uit met alleen één waarde met het wapen. In 2001 kwam het wapen voor het laatst in een serie postzegels met drie historische versies.

Volgende keer ga ik sinaasappels plukken in Zuid-Afrika.