December 1866 – De heilige Ursula

Het martelaarschap van St. Ursula (P.P. Rubens, 1615, Kimbell Art Museum, Fort Worth. detail)

Ik was vroeger, toen ik nog in Haarlem woonde, gefascineerd door een steegje in de binnenstad met de naam Ursulastraat. Volgens de stadsoudheidkundige van weleer, mevrouw Gerda H. Kurtz, in haar veelgeprezen ‘De straat waarin wij wonen’ heette het straatje in 1488 ‘Ellefduysent Maechdenstraet’ naar het zich aldaar bevindende Klooster der Elfduizend Maagden. Een ander naam was het meer preutse St. Ursulaklooster, waar de tertiarissen, die hun naam ontleenden aan de Derde Orde van St. Franciscus, hun zielewerk verrichten. Het klooster werd, net als vele andere kloosters, waaronder ook de Amsterdamse versie, in de jaren 70 van de 16e eeuw opgeheven, verkocht, afgebroken en/of herbestemd. In Haarlem is er nu het Remonstrantse Hofje, zeer de moeite van een bezoek waard. In Amsterdam werden in de oude kloostergebouwen onder andere een spinhuis gesticht, waar nu nog de Spinhuissteeg, een rustig steegje in de overvolle binnenstad, aan herinnert. Nu is er het Compagnietheater in het in 1791 voor de Hersteld Evangelisch-Lutherse gemeente gebouwde kerk.

Aankomst van St. Ursula in Keulen (Vitorio Carpaccio, 1490, Gallerie del’Accademia, Venetië)

Wapen van de Britse Maagdeneilanden

11.000 maagden, toe maar. Hoe kwam die Ursula daaraan? En hoe kwam ze op de Maagdeneilanden terecht? Om met dat laatste te beginnen: door Columbus, die bij het ontdekken van de vele eilanden – het zijn er overigens slechts 32 – meteen dacht aan St. Ursula. Hij noemde het daarom Islas de Santa Úrsula y las Once Mil Virgines, kortweg las Virgines. In de volgende eeuwen waren de eilanden in gebruik als handelspost van Engelsen en Denen, terwijl tussen 1625 en 1680 ook de Hollanders een graantje meepikten: één van de eilanden heet Jost Van Dyke, genoemd naar de Nederlandse kaperkapitein Joost van Dyk die er in 1615 voor het eerst voet aan wal zette. Vooral het Deense eiland St. Thomas was een spil in het Trans-Caribische handelsverkeer. De Denen verkochten in 1917 hun bezittingen aan de Amerikanen, die het vanuit het nabijgelegen Puerto Rico besturen.

Maagdeneilanden Mi 1 (bron)

Ursula, die, net als de eerder besproken Gregorius, hoogstwaarschijnlijk niet bestaan heeft, heeft vooral in Keulen een naam op te houden, want ook daar is ze stadspatroon, omdat ze haar leven gaf om de stad te verlossen van de veroveringsdrang van Attila de Hun. Dat kwam zo: Ursula werd geboren als de bijzonder knappe dochter van een christelijke koning met de naam Dionotus, die heerste over wat nu Cornwall en Devon is *). Dat kwam de koning van Engeland ter ore die nog driftig op zoek was naar een verstandige vrouw voor zijn enige zoon Aetherius **). Aetherius was echter nog geen christen en Ursula stemde alleen toe als zij tien even mooie maagden ter beschikking kreeg, ieder vergezeld van duizend andere maagden. Ook voor haar zelf werden 1000 maagden besteld, zodat Ursula met elfduizend van deze schonen op bedevaart naar Rome kon, om daar bij de paus haar huwelijk met Aetherius te bepleiten. De jongeman zou zich bij die gelegenheid ook laten dopen.

Maagdeneilanden Mi 53 (1922)

Maagdeneilanden Mi 166-168 uit 1966 (3 uit serie van 4)

Ze reisden via Keulen en Basel en nadat alle verplichtingen in Rome waren uitgevoerd over dezelfde weg terug. Maar nu waren de hordes van Attila voor de poorten van Keulen gekomen en deze wrede veldheer maakte korte metten met de 11.000 maagden. Ursula spaarde hij om haar zelf tot echtgenote te nemen, maar de tegenstribbelende vrouw, inmiddels bijgestaan door haar verloofde Aetherius, besloot, samen met hem, haar leven te geven voor het behoud van de stad. En dat werkte, want Attila werd door een hemels legioen van 11.000 maagden verdreven en niemand heeft hem meer in de buurt van Keulen gezien. Tenminste, zo gaat het verhaal, want in werkelijkheid hield Attila, die in de eerste helft van de 5e eeuw leefde, flink huis in wat nu Duitsland en Frankrijk is en hij werd in 451 pas eerst verslagen door een coalitie van Franken en Romeinen in de buurt van Chalons.

Het verhaal van Ursula, ***) die als feestdag 21 oktober kreeg toegewezen, ging natuurlijk als een lopend vuurtje door de christelijke wereld en Columbus kende het uiteraard toen hij in 1493 op zijn tweede reis langs de eilanden zeilde. Bovendien had men in 1106 een Romeins graf gevonden in Keulen, waarvan gelijk het onbewezen gerucht ging dat het om de relieken van Ursula en haar 11.000 maagden ging. Er ontstond een levendige handel en in onder andere de Munsterkerk in Roermond heeft men beenresten uit het Romeinse graf gevonden. In 1535 werd in Brescia de Ursulinenorde gesticht.

De naam Maagdeneilanden bleef tot op de huidige dag bewaard en Ursula is zoals te verwachten de patroonheilige en staat centraal in het wapen van de eilanden, samen met 12 olielampjes, 1 die ze vasthoudt en 11 die ieder een duizendtal maagden verbeelden.

De eerste zes postzegels van de Britse Maagdeneilanden tonen St. Ursula in 4 verschillende ontwerpen met of zonder watermerk, ze kwamen uit een kleine drukkerij in Londen. Later, in 1887 verscheen een herdruk in andere kleuren en in 1899 een nieuwe serie Ursula’s. Zowel van George V als George VI verscheen een serie waarbij het koningshoofd geflankeerd werd door Ursula. Opmerkelijk is dat Duitsland nooit een zegel aan Ursula gewijd heeft, terwijl haar heiligheid te danken is aan haar vermeende optreden in Keulen.

Volgende keer gaat Zegelgek 1867 in.

 

*) Andere bronnen noemen de Bretonse koning Maurus
**) Ook wordt de Britse veldheer Conan Meriadoc in dit verband genoemd
***) Het verhaal van de heilige Cunera, onder andere patroonheilige van de stad Rhenen, gaat ongeveer op dezelfde wijze!