Het wapen van de provincie (en de stad) Cordoba in Argentinië

Het wapen van de provincie (en de stad) Cordoba in Argentinië

Drie van de Argentijnse provincies, waarvan één vooralsnog afgescheiden, gaven rond 1860 hun eigen postzegels uit. In Buenos Aires eindigde dat in 1862 met het weer samengaan met de andere provincies, Corrientes hield het nog tot 1880 vol met slecht gekopieerde Cereskopjes naar Frans model en een derde hield het bij een tweetal postzegels in 1858. Dit was de provincie Córdoba.

De provincie Córdoba lag in 1858 midden in het land dat in die tijd nog niet zo groot was als nu: de drie zuidelijke provincies Chubut, Santa Cruz en Tierra del Fuego werden pas vanaf ongeveer 1880 deel van Argentinië. Zij lieten het geografisch middelpunt van Argentinië aanzienlijk naar het zuiden schuiven.

De stad Córdoba de la Nueva Andalucia (kortweg Córdoba) werd op 6 juli 1573 door Jerónimo Luis de Cabrera (1528-1574) gesticht als pleisterplaats op de route tussen Alto Peru, het oudste door de Spanjaarden veroverde deel van Zuid-Amerika en Buenos Aires aan de andere kant. Tegenwoordig is het de tweede stad stad van het land met zo’n 1,3 miljoen inwoners. Córdoba herbergt de oudste universiteit van het huidige Argentinië, in 1613 gesticht door de jezuieten, en vanwege het intellectuele klimaat heeft de stad als bijnaam La Docta (de Geleerde).

Córdoba Mi 1

Córdoba Mi 1 (bron)

Het wapen van Córdoba werd al met de stichting vastgesteld als een toren, gelijk aan de toren van het Castiliaanse wapen van die dagen, zoals dat ook op de schilden van de Conquistadores afgebeeld was. Opmerkelijk is dat de Argentijnse stad er zeven vlaggen in plaatst, drie aan iedere zijkant en één vanuit een van de drie daktorens. Tegenwoordig zijn dat allemaal Argentijnse vlaggen, maar in 1573 waren die er natuurlijk nog niet, de vaandels stellen dan nog Spaanse koloniale vlaggen voor.

Voor de toren met de vlaggen liggen twee rivieren in een weideachtig landschap. Dit zijn de Rio Suquía (of Rio Primero) en de Rio Segundo. Deze lopen allebei door de provincie, aan de eerste is de hoofdstad gelegen.

De enige zegels van de provincie Córdoba verschenen op 28 oktober 1858 te midden van de ongeregeldheden van de burgeroorlog die tussen Buenos Aires en de rest van Argentinië onder leiding van Córdoba werd uitgevochten. De waardes waren 5 centavos in blauw en 10 in zwart. De toren is goed te zien op de zegel, de vlaggen zijn meer grote vaandels, de rivieren nauwelijks te zien. Toch zijn het de eerste vlaggen en rivieren die ooit afgebeeld zijn. En dat maakt deze zegels zo uniek.

Blok Mi 104 uit 2008, herdenkt de eerste uitgiftes van Buenos Aires, Córdoba en de Argentijnse confederatie

Blok Mi 104 uit 2008, herdenkt de eerste uitgiftes van Buenos Aires, Córdoba en de Argentijnse confederatie (bron)

In Oostenrijk werd de tijd rijp geacht om het regerende staatshoofd af te beelden. Volgende keer Zegelgek’s eigen biografie van keizer Franz Joseph.

 

Wapen van Argentinië

Wapen van Argentinië

Slechts twee dagen na de onwillige provincie Buenos Aires kwamen de Argentijnse confederatie met eigen postzegels. Zij kozen wel voor het wapen, zoals in 1813 vastgesteld. Net als in Uruguay maakt de zon daar deel van uit, maar het hoofdonderwerp is een handdruk, die staat voor de eenheid van de Argentijnse provincies. Uit de handdruk komt een piek, een door infanteristen gebruikt wapen dat vooral gebruikt werd om de cavalerie van de vijand dwars te zitten. Als die te paard een aanval waagde, liep deze stuk op deze schuin in de grond gestoken stokken.

Drieguldenmunt uit 1687

Drieguldenmunt uit 1687

Het laatste deel is de zogenaamde vrijheidsmuts (of ook wel jacobijnenmuts), die eigenlijk een Phrygische muts heet. Zoals de naam aangeeft zou deze uit Phrygië komen, een roemrucht koninkrijk in het huidige Turkije, zo ongeveer tussen Istanbul en Ankara. Phrygië was bijvoorbeeld het land van de legendarische koning Midas, van wie men zei dat alles wat hij aanraakte in goud veranderde. Graham Nash, toen nog lid van The Hollies, maakte daar in 1967 een parodieversie van, over iemand die juist alles wat hij aanraakte in stof deed veranderen. Het liedje King Midas in reverse werd een bescheiden hitje.

Marianne de Gandon, Frankrijk Mi 697

Marianne de Gandon, Frankrijk Mi 697

De eerste afbeeldingen van Phrygische muts verschijnen ongeveer in de 5e eeuw voor Christus. Het is dan meer een soort bronzen helm. De Grieken en later de Romeinen maakten er melding van en sponnen er hun eigen mythologie omheen. Het dragen van zo’n muts gaf de eigenaar een voorname uitstraling.

In modernere tijden kreeg de Phrygische muts de betekenis van vrijheidsmuts. Dat had ook een beetje te maken met de Romeinen. Deze hadden het gebruik om slaven vrij te maken door het aanwijzen van hun hoofddeksel, in dit geval een pileus, met een speciale stok. De eerste keer dat een zo’n stok met een vrijheidsmuts werd afgebeeld was in onze eigen Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden: in de tweede helft van de 17e eeuw kwamen er zilveren guldenstukken in omloop die aan één kant het landswapen en aan de andere kant de Hollandse Maagd toonde met in haar hand een piek met een vrijheidsmuts. Deze symbolen eigenden we ons toe na de Vrede van Münster in 1648. Hierdoor heeft de gulden ook de bijnaam ‘piek’ gekregen!

De Grote Smurf draagt, ook al is hij door de Belg Peyo gecreëerd een 'bonnet rouge'.

De Grote Smurf draagt, ook al is hij door de Belg Peyo gecreëerd, een ‘bonnet rouge’.

Toch wordt de Phrygische muts vooral geassocieerd met de Franse Revolutie en de daarmee geschapen symboolfiguur Marianne. Deze Marianne was in 1775 uit de penseel gekomen van de Franse schilder Jean-Michel Moreau (1741-1814). Al in de revolutiemaand juli 1789 kwamen de eerste Mariannes onder het volk, op een medaille die de bestorming van de Bastille vierde. Na een paar jaar weinig meer van haar gehoord te hebben, kwam ze in 1792 weer prominent naar voren, nu als een kopie van Kenau Hasselaer op de Haarlemse stadsmuren, de mannen opstokend tot actie om de vrijheid van Frankrijk te verdedigen. In de 225 jaar die volgden kende Marianne vervolgens diepte- maar vooral hoogtepunten. Opmerkelijk is wel dat de eerste Marianne op postzegels pas in 1945 verscheen, naar ontwerp van de vermaarde kunstenaar Pierre Gandon (1899-1990) de Marianne de Gandon gedoopt.

Argentinië Mi 1

Argentinië Mi 1 (bron)

Op de eerste Argentijnse postzegels is van de muts niet veel te zien, anders dan in het staatswapen is de zon prominent aanwezig. Zoals op de zegels te lezen is werden ze uitgebracht door de Confederacion Argentina, dit waren toen zo’n beetje alle toenmalige provincies behalve Buenos Aires, dat zich onafhankelijk verklaard had. Er waren 3 waardes, een rode 5, een groene 10 en een blauwe 15 centavos en het waren de enige die de confederatie uitbracht, afgezien van een gelijke serie, maar met grotere waardecijfers in 1860, maar van dit reeksje kwam alleen de 5 nog aan de loketten. De zegels zijn, met name ongebruikt, voor kleine bedragen te krijgen, als ze tenminste aangeboden worden. In 1862 waren eerste zegels van de republiek ook nog wapentekeningen, maar daarna kwam het wapen nog maar af en toe voor en namen de portretten van beroemde Argentijnen de meerderheid van de frankeerzegels in beslag.

Zegelgek blijft nog even in Argentinië hangen…

Inkomst van Sinterklaas in Landsmeer, 12-11-2016

Intocht van Sinterklaas in Landsmeer, 12-11-2016

Sinterklaas is weer in het land en dus is het tijd voor de stoomboot. Wat een geluk dat Zegelgek in de geschiedenis aangekomen is in 1858. Toen gaf de staat Buenos Aires zijn eerste zegels uit, deel van een 13-tal dat tot 1862 verscheen.

Griekenland Mi 313 uit 1927 toont de stoomkruiser Averoff

Griekenland Mi 313 uit 1927 toont de stoomkruiser Georgios Averof, die dienst deed in de Balkan- en beide wereldoorlogen. Het is nu een museum.

Dat Buenos Aires eigen postzegels kreeg, slechts enkele dagen voordat de rest van Argentinië ermee begon, had te maken met de labiele politieke situatie in het land: al sinds de onafhankelijkheid was het oorlog tussen de voorstanders van een centrale regering, met veel aanhangers in Buenos Aires, en die van een federatieve staatsvorm. Het kwam in 1852 zelfs zover dat de hoofdstad van het land zich afscheidde. Pas in 1861 zou dit probleem opgelost worden toen de leider van Buenos Aires, Bartolomé Mitre, een klinkende overwinning op de federalisten haalde en het land weer verenigde.

Het eerste ontwerp was niet een wapentekening zoals vele landen – en ook Argentinië – gebruikten, maar het eerste stoomschip dat op een postzegel verscheen. Tenminste, dat zien we aan de enorme rookpluim, want voor het overige lijkt het scheepje wel een beetje op de SS Peru en de SS Chile, die ik enkele weken geleden besprak.

Koningin Wilhelmina en stoomschip (1928, NVPH 93). Welk schip dit is, is mij onbekend.

Koningin Wilhelmina en stoomschip (1928, NVPH 93). Welk schip dit is, is mij onbekend.

Passagiersschip Kursk op een Russische zegel uit 1922 (Mi 194)

Passagiersschip Kursk op een Russische zegel uit 1922 (Mi 194)

Tot het einde van de 18e eeuw waren zeilschepen de norm, maar het was in 1783 de Franse markies Claude de Jouffroy die een door een stoommachine aangedreven boot ontwierp. Deze stoommachine dreef een radersysteem aan en dat was tot ver in de 19e eeuw gebruikelijk. Met zijn schip, dat de Pyroscaphe gedoopt werd, voer hij op 15 juli 1783 op de Saône. Dat duurde maar een kwartier want toen begaf de motor het, maar een nieuwe trend was gezet.

Veel 19e eeuwse schepen hadden naast stoom- en raderaandrijving ook nog zeilen, die voor de langere afstand betrouwbaarder bleven. In het begin van de 20ste eeuw kwamen de moderne stoomschepen die noch raderen noch zeilen hadden. Na 1930 zijn er vrijwel geen nieuwe stoomschepen meer gebouwd.

Stoomvaart op de Bodensee (Oostenrijk Mi 2416 uit 2003)

Stoomvaart op de Bodensee (Oostenrijk Mi 2416 uit 2003)

Buenos Aires Mi 2. Deze zegel is wel echt.

Buenos Aires Mi 2. Deze zegel is wel echt (bron).

De gewoonte dat Sinterklaas met een stoomboot aankomt stamt ook ongeveer uit die tijd: in 1934 bedacht men in Amsterdam dat het wel eens leuk zou zijn een (stoom)boot hiervoor te gebruiken. Mogelijk eerder was dat ook al eens gedaan, maar daar zijn (nog) geen stukken als bewijs voor gevonden. De huidige boot voor de landelijke intocht, tijdelijk herdoopt tot ‘Pakjesboot 12’, is de Hydrograaf uit 1910. Dit was ooit een echte stoomboot, die tegenwoordig met een dieselmotor is uitgerust. Alleen nog met hulp van een rookmachine doet deze net alsof het een echte is.

De zegels van Buenos Aires waren niet de eerste Argentijnse zegels, de staat Corrientes had al in 1856 een op het Franse voorbeeld gebaseerde Cereszegel. In 1857 werd er in Buenos Aires wel al een serie postzegels voorbereid met als thema een gaucho op de pampa, maar deze kwam nooit in het verkeer.

Echte exemplaren van de stoombootzegels zijn tamelijk zeldzaam, vervalsingen en particuliere nadrukken zijn aan de orde van de dag en meestal goed te herkennen aan een veel betere en scherpere druk en bredere randen.

Een beroemde stripstoomboot is de Albatros uit de verhalen van Tom Poes en Heer Bommel. Hier ankert het goede schip voor het eiland Starring in het verhaal De Mob-beweging.

Een beroemde stripstoomboot is de Albatros uit de verhalen van Tom Poes en Heer Bommel door Marten Toonder. Hier ankert het goede schip voor het eiland Starring in het verhaal De Mob-beweging uit 1970.

De confederatie van Argentinië gaf al op 1 mei 1858 de eerste zegels uit, daarover de volgende keer.

Alpaca's in Doornspijk (foto Adrie Steenbrink, 20-10-2016)

Alpaca’s in Doornspijk (foto Adrie Steenbrink, 20-10-2016)

Veel zie je ze niet, vicuña’s, maar toch, toen ik laatst aan het wandelen was in Doornspijk, kwam ik er een tegen. Het was geen hele echte vicuña, maar een ondersoort, een alpaca. Dat ze hier niet vaak voorkomen is logisch, dit zijn dieren van ‘de nieuwe wereld.’ Lama’s, vicuña’s en alpaca’s komen in het wild voor in de Andeslanden en in Peru is de vicuña zelfs het nationale dier, net als in Bolivia trouwens.

Peru Mi 521 uit 1953

Peru Mi 521 uit 1953

De vicugna vigugna leeft voornamelijk op de hoogvlakten in de Andes, de zogenaamde páramo’s, gelegen tussen de boomgrens op 3500 en de sneeuwgrens op 5000 meter. Dat het daar meestal koud is kun je je voorstellen, maar de vicuña kan daar goed tegen dankzij zijn dikke vacht. Van hoogteziekte hebben ze ook bepaald geen last dankzij een sterk hart. En omdat het een familielid van de kamelen en de dromedarissen is, heeft het dier een ingebouwd systeem waardoor het heel zuinig om kan gaan met water.

De vicuña dankt zijn plek op het Peruaanse wapen aan de Inca’s die het als een bijzonder dier beschouwden vanwege zijn zachte sterke wol. Ze ontwikkelden een techniek die de wol won, maar waarmee de dieren verder ongeschonden werden. De Spanjaarden die in de 16e eeuw arriveerden pakten de vicuña’s heel wat minder zachtzinnig aan en als Peru zich niet onafhankelijk had verklaard zou het er slecht mee afgelopen zijn. Dankzij een wet van Simon Bolivar, niet alleen president in Colombia en Venezuela, maar van 1824 en 1827 ook van Peru (en tussendoor ook nog even in het naar hem genoemde Bolivia), kon de vicuña gered worden.

Serious Request besteedde in 2009 aan de bestrijding van malaria.

Serious Request besteedde in 2009 aandacht aan de bestrijding van malaria.

Rechts van de vicuña staat de kinaboom. Kina is afgeleid uit het Quechua, de indiaanse taal van Peru en Bolivia, en heet daar quina, dat zoveel betekent als schors, de latijnse naam is Cinchona ledgeriana. Van het woord kina is een bestanddeel van onder andere tonic afgeleid: kinine, dat vooral bekend is als medicijn tegen malaria. Kinine wordt inderdaad uit de schors van de kinaboom gewonnen. Dat deed men al bij de Inca’s, die aan de schors een heilzame werking toekenden. In 1639 zou de vrouw van de Spaanse onderkoning zelfs door een jezuïetenpriester van malaria genezen zijn dankzij de werkzame stof uit de kinaschors. Vandaar dat het kinapoeder ook wel jezuïetenpoeder werd genoemd. Het verhaal is een beetje twijfelachtig – de vrouw zou helemaal niet aan malaria geleden hebben – maar later onderzoek heeft wel aangetoond dat kinine zeker wel ergens goed voor is: In 1820 wisten de Franse apothekers Pelletier en Caventou de werkzame stof te isoleren.

De Hoorn des Overvloeds op een kinderzegel uit 1939 (NVPH 331). Het meisje op de zegel is de dochter van ontwerper Sierk Schröder (1903-2002)

De Hoorn des Overvloeds op een kinderzegel uit 1939 (NVPH 331). Het meisje op de zegel is de dochter van ontwerper Sierk Schröder (1903-2002)

Ook met de kinaboom ging het een tijdje slecht in de Andes, maar in Zuid-Afrika en op Java wisten de Engelsen en Nederlanders met uit Zuid-Amerika ‘verkregen’ kinazaden succesvol plantages in te richten. Ook in de Congodelta gedijt het gewas goed.

De cornucopia is de mooie naam voor de hoorn des overvloeds. Deze komt oorspronkelijk uit de Griekse mythologie. Het bekendste verhaal gaat over de oppergod Zeus, die, toen hij net geboren was, gezoogd werd door de geit Amalthea in een grot van de berg Ida op Kreta. Dit moest stiekem gebeuren want Zeus’ vader Kronos mocht er niets van weten. Op zekere dag brak Zeus per ongeluk een hoorn van zijn voedster af. Later, als dank voor zijn opvoeding beloonde hij de geit met een plaats aan de hemel en ieder die haar afgebroken hoorn bezat zou altijd in overvloed kunnen genieten van de vruchten van het land.

Peru Mi 4 uit 1858

Peru Mi 4 uit 1858

Een ander mythologische verhaal gaat terug op een van de daden van Heracles. Deze raakte in gevecht met de gehoornde riviergod Achelous en wist hem een van zijn hoorns af te breken. De nimfen in de omgeving maakten hier een cornucopia van.

Zegels met het wapen van Peru of een van de onderdelen (met name de vicuña) beheersten het beeld tot 1895, mogelijk had dat te maken met de bij tijd en wijle instabiele situatie in het land zoals de bloedige oorlog tegen Chili rond 1880. Daarna worden de onderwerpen wat gevarieerder, maar zeker is dat het wapenschild nooit verdween, de laatste keer in de ‘Amerika’-serie in 2010.

Volgende keer blijven we op het continent met het meest nagedrukte stoomschip ter wereld.