De vlag van Uruguay, net als die van Argentinië met de zon al belangrijk element.

De vlag van Uruguay, net als die van Argentinië met de zon als belangrijk element.

Is de zon in Uruguay anders dan in Nederland? Ik denk het niet. Natuurlijk, je kunt er niet met de noorderzon vertrekken want het land ligt op het zuidelijk halfrond. Maar waar de zon ook staat, zonder is er geen leven heb ik me laten vertellen.

De zon op postzegels komt vaker voor dan je denkt. Vaak op landschapszegels, maar ook in series gewijd aan ons zonnestelsel, Groot-Brittannië en Indonesië om er maar een paar te noemen hebben zeer fraaie series uitgegeven. En natuurlijk als symbool voor een nieuw en hopelijk beter leven.

Groot-Brittannië Mi 3366 uit 2012

Groot-Brittannië Mi 3366 uit 2012 (bron)

In Uruguay begon het met de zon, de eerste 20 zegels, tussen 1856 en 1862, tonen haar met een gezichtje en in een stralenkrans. Officieel is het de meizon, El Sol de Mayo, en is in met name Argentinië en Uruguay een belangrijk symbool, dat op de vlaggen van beide landen nog getoond wordt. En dat hebben we te danken aan de Meirevolutie van 1810 die toen in het ‘Onderkoninkrijk van Rio de la Plata’ uitbrak.

Dit onderkoninkrijk was in 1776 afgescheiden van dat van Peru, dat tot dan bijna heel Spaanstalig Zuid-Amerika besloeg. Maar de Engelsen waren een factor van belang in de regio en om de Spaanse suprematie te waarborgen besloot koning Carlos III van Spanje deze bestuurlijke ingreep te doen. Veel zou het niet helpen, want zoals het in Mexico ging, ging het in feite ook in Argentinië, Uruguay en Paraguay: het inmiddels door Napoleon beheerste Spanje was niet meer in staat een koloniaal rijk in stand te houden en revolutie lag voor de hand. Ook in Zuid-Amerika waren de middenklasse criollo’s de initiatiefnemers.

Indonesië Blok Mi 165 uit 2001 (bron)

Indonesië Blok Mi 165 uit 2001 (bron)

In Buenos Aires was op 18 mei 1810 de revolutie uitgebroken en na een week hadden de opstandelingen hun zin en een voorlopig bestuur. In de ogen van dat bestuur was de zon eindelijk weer opgekomen na de vermeende duisternis van het Spaanse bewind en zo kwam het voor ons belangrijkste hemellichaam als symbool van verrijzenis in beeld. Dat begon met de vanaf 1813 geslagen munten van de Verenigde provincies van Rio de la Plata, die al een zon toonden.

Uruguay Mi 3, hoogste waarde van de eerste serie.

Uruguay Mi 3, hoogste waarde van de eerste serie (bron)

Uruguay werd daarna een speelbal van Argentinië en Brazilië en na een langdurige oorlog erkenden beide landen met bemiddeling van de Engelsen de onafhankelijke staat in 1828. Daarmee keerde de rust echter niet terug, want het land werd lange tijd door een burgeroorlog gegrepen: de strijd ging tussen de Blancos, die de economische belangen van Montevideo behartigden, en de Colorados die juist de boeren verdedigden. De Colorados, gesteund door Brazilië, Engeland en Frankrijk, trokken uiteindelijk in 1852 aan het langste eind en een periode van rust en welvaart brak aan. Tijd om aan een functionerend postsysteem te werken, de postzegels volgden vier jaar later.

De grote man achter de opbouw van de nieuwe postdienst was Atanaso Lapido (1794-1859), een gewiekst politicus, die aan de kant van de Blancos stond tijdens de burgeroorlog. Hoewel deze partij de burgeroorlog verloren had, kregen ze wel de regeringsverantwoordelijkheid en zo kon Lapido een politieke rol blijven spelen in het naoorlogse Uruguay. Hij zette een efficiënt systeem van postkoetsen op en daarmee is het inschrift van de eerste zegels verklaard: DILIGENCIA. Het waren dan ook nog geen staatspostzegels, maar privé-uitgiften van de postkoetsbedrijven.  Ze werden in lithografie vervaardigd door de drukkerij van Mège y Willems in Montevideo. Er is nog een blok van 15 van de waarde 80 centesimos, dat volgens kenners een van de wereldwonderen van de filatelie is.

In 1858 kwam er een nieuwe uitgifte, maar deze gold in eerste instantie voor scheepspost tussen Montevideo en Buenos Aires met ‘landsnaam’ Montevideo. Pas in 1859 kwamen de eerste echte door (en voor) de staat uitgegeven zegels uit. Nog steeds met een zon, eerst nog met naam Montevideo. Latere zegels dragen de naam van Republica Oriental, Republica Oriental del Uruguay en Republica del Uruguay. Maar toen was de zon vervangen door het landswapen, waar de zon over het schild opkomt, en andere onderwerpen.

Zegels waar de zon in 'schijnt': Nederland NVPH 70 (1906), BRD Mi 1052 (1980), Spanje Mi 1822 (1969), Frankrijk-Raad van Europa Mi 14 (1969) en Nederlandse Antillen NVPH 499 (1974)

Zegels waar de zon in ‘schijnt’: Nederland NVPH 70 (1906), BRD Mi 1052 (1980), Spanje Mi 1822 (1969), Frankrijk-Raad van Europa Mi 14 (1969) en Nederlandse Antillen NVPH 499 (1974)

Volgende keer keert Zegelgek terug naar Scandinavië.

 

De dood van Miguel Hidalgo op een fresco van José Clemente Orozco (1883-1949)

Na de eerste claims namens Spanje op de gebieden in de nieuw ontdekte wereld door Columbus, zoals Cuba en diverse andere Caribische eilanden, verplaatste het centrum van het koloniale rijk naar Mexico. Dit proces werd in gang gezet met de verovering van het Aztekenrijk door de legers van Hernán Cortés en andere conquistadores. Cortés werd in 1521 de eerste gouverneur – later onderkoning genoemd – van Nieuw-Spanje. Mexico City werd de hoofdstad van het koloniale rijk, waaronder zelfs de Filippijnen hoorden.

Naarmate de eeuwen vorderden kwam Nieuw-Spanje steeds meer onder vuur te liggen als gevolg van in principe Europese oorlogen waarbij Spanje betrokken raakte bij Franse en Engelse pogingen om elkaar de loef af te steken in Noord-Amerika. Spanje verloor terrein, kwam onder invloed van de Bonapartes en de eerste onafhankelijkheidsstrijders zagen mogelijkheden om het nauwelijks meer vanuit Madrid gesteunde regime omver te werpen. In 1810 zag een eenvoudige priester kans om de onderdrukte bevolking van Mexico aan zijn zijde te krijgen: Miguel Hidalgo.

Miguel Gregorio Antonio Ignacio Hidalgo y Costilla werd op 8 mei 1753 geboren in het stadje Pénjamo, zo’n 300 kilometer ten noordwesten van Mexico-Stad. Hij was een Criollo, dat wil zeggen geboren in een Mexicaanse familie met oorspronkelijke Spaanse wortels. Criollo’s vormden een soort middenklasse, tussen de in Spanje geboren en naar Mexico uitgezonden bestuursambtenaren en de klasse van de mestiezen, die geboren waren uit Spaans-Amerikaanse relaties.

Miguel was de tweede van vijf zoons die uit het eerste huwelijk van zijn vader Cristóbal Hidalgo y Costilla, een niet onbemiddelde boer, geboren werden. Uit diens drie latere huwelijken had Miguel nog diverse stiefbroertjes en -zusjes.

Vader Cristóbal wilde dat zijn zoons priester werden en zo gingen Miguel en zijn oudere broer José Joaquin naar Valladolid (de huidige stad Morelia) om eerst bij de Jezuieten, daarna bij het gerenommeerde St. Nicolaascollege te studeren. Op 25-jarige leeftijd werd Miguel tot priester gewijd, nadat hij in Mexico-Stad zijn studie had afgerond. Hierna werd hij docent en later rector van het St. Nicolaascollege dat in 1847 ter ere van Hidalgo hernoemd werd tot Primitivo y Nacional Colegio de San Nicolás de Hidalgo. *) In deze tijd kwam hij in aanraking met de verlichting en stelde openlijk de absolute macht van de Spaanse koning en – in kerkelijke zaken – de paus ter discussie. Als gevolg hiervan werd hij ondervraagd door de inquisitie, maar werd vrijgesproken.

Mexico Mi 990 uit 1952

In 1792 werd hij, omdat hij de traditionele onderwijsmethode wilde aanpakken, ontslagen en beroepen als dorpspastoor. In 1802 volgde hij zijn overleden jongere broer Felipe in het arme dorpje Dolores (nu Dolores Hidalgo) op. Hij begon gelijk werk te maken van het opheffen van de armoede door de bevolking aan te zetten tot de verbouw van druiven en olijven, traditioneel producten die ‘verplicht’ uit Spanje werden ingevoerd. Later had hij onder andere een steenbakkerij, een leerlooierij en imkerij opgezet. Door dit alles kwam Hidalgo in conflict met het koloniale bestuur, dat ervoor moest zorgen dat door import uit Spanje de economie aldaar draaiende gehouden werd. Als al die mestiezen in hun eigen levensonderhoud zouden gaan voorzien zou dat systeem te gronde gericht worden.

Michel nr 1, nog met landsnaam Mejico

Michel nr 1, nog met landsnaam Mejico en met gebruikelijke opdruk van plaatsnaam

Een hongersnood in 1807 en 1808 en de speculatieve wijze waarop de graanhandelaren hiermee omgingen bracht de lont in het kruitvat. Op 16 september 1810 sprak Miguel Hidalgo de legendarische Grito de Dolores uit, waarin het volk werd opgeroepen in opstand te komen tegen het koloniale regime. Hieraan werd massaal gevolg gegeven: binnen twee maanden had Hidalgo een opstandelingenleger van bijna 100.000 indiaanse en mestizo boeren. Aanvankelijk had het boerenleger succes tegen de veel beter bewapende koninklijke troepen en eind oktober 1810 stonden ze voor Mexico-Stad. De hoofdstad werd echter zwaar verdedigd en op 7 november werd het leger verslagen. Na dit verlies trok Hidalgo met de restanten van zijn leger terug naar Guadalajara, waar hij een voorlopig bestuur inrichtte. De legers van de koning hadden zich echter herpakt en verjoegen de opstandelingen uit de stad. Hidalgo vluchtte naar Saltillo. Daar werd hij opgepakt en overgebracht naar Chihuahua. Op 27 juli 1811 werd hij door de lokale bisschop geëxcommuniceerd, wat de weg vrijmaakte voor zijn berechting. Van een proces was nauwelijks sprake, Hidalgo werd zonder omhaal van hoogverraad beschuldigd en in de ochtend van 30 juli ter dood gebracht.

Hidalgo was dus dood, maar de onafhankelijkheidsbeweging wist zichzelf te herstellen en in 1821 de onafhankelijkheid van Mexico en de rest van Midden-Amerika te bewerkstelligen. De dag van de Grito de Dolores, 16 september, wordt nog steeds als nationale feestdag gevierd, ingeluid door de president van de republiek, die de avond tevoren de opzwepende woorden van Hidalgo uitschreeuwt, waarna de burgemeesters in het hele land zijn voorbeeld volgen.

De arrestatie van Hidalgo (Mi 3507 uit 2009)

De arrestatie van Hidalgo (Mi 3507 uit 2009) (bron)

Miguel Hidalgo is met afstand de meest afgebeelde persoon op Mexicaanse postzegels. Zeker vóór 1890 zijn de meeste zegels met zijn portret uitgevoerd. Alleen in de periode dat keizer Maximiliaan en Benito Juárez aan de macht waren was het even stil. Tegenwoordig is het rustiger, maar vooral rond 2010 bij de 200ste herdenking van de Grito was het weer even drukker.

De eerste zegels werden ontworpen en gegraveerd door José Villegas, die verbonden was aan de overheidsinstelling die de opdracht had gekregen voor postzegels te zorgen. Meer is er van hem niet bekend. Er zijn geen portretten van Hidalgo bekend die tijdens zijn leven gemaakt zijn. Alle portretten zijn dus gebaseerd op mondelinge getuigenverslagen en dus weten we niet helemaal zeker hoe hij eruit zag. Maar dat geeft verder niet, een nationale held mag wat te verbeelden overlaten….

Het is zomer en we genieten dan als het meezit van de zon. Voor veel landen was de zon ook een inspiratiebron, zoals in Uruguay. Daarover de volgende keer.

 

 

*) Een medestudent van Hidalgo en later diens medestrijder en opvolger, José Maria Morelos, was op zijn beurt verantwoordelijk voor de wijziging van de stadsnaam Valladolid in Morelia.

 

Het wapen van Mecklenburg met kroon en 'slab'

Het wapen van Mecklenburg met kroon en ‘slab’

Soms kom je van die dingen tegen die zo uit het dagelijks leven van vier- of vijfhonderd jaar geleden zouden kunnen zijn. Een uithangbord met een gekroonde stierenkop op bijvoorbeeld een herberg. In werkelijkheid gaat het over het oudste deel van het wapen van Mecklenburg in het noordoosten van Duitsland. In 1856 was het wapenschild van het groothertogdom Mecklenburg-Schwerin zodanig uitgebreid dat de stierenkop er nog maar een stukje van uitmaakte: alle belangrijke steden zoals Schwerin, Rostock en Ratzeburg (tegenwoordig in Sleeswijk-Holstein) wilden ook wel een plekje op het wapen.

Duitse Rijk Mi 426 uit 1928

Duitse Rijk Mi 426 uit 1928

De stier kwam dus uit Mecklenburg. Sommige plaatsen hebben nog een wapen met alleen een stier, zoals Lübz dat in het zuiden van de huidige deelstaat Mecklenburg-Vorpommern ligt. Maar wat heeft Mecklenburg nou met stieren? Dit niet alledaagse wapendier komt al sinds 1219 voor op het banier van de Mecklenburgse vorsten.

Het wapen van Lübz

Het wapen van Lübz

Om even de puntjes op de i te zetten, het gaat niet echt om een stier zoals we die vandaag in de wei zien staan. Op het Mecklenburgse wapen staat eigenlijk een oeros, een wilde en nog uit de prehistorie stammende rundersoort die tot in de late Middeleeuwen veel bejaagd werd, onder andere in het noorden van Duitsland. Men denkt dat het dier in het begin van de 17e eeuw, maar waarschijnlijk eerder, is uitgestorven. Het Heckrund, dat zijn naam ontleent aan de Duitse broers Heck die dit dier fokten, komt nog het meest overeen met wat vroeger een oeros was.

Vanuit de jacht op oerossen zou de ossenkop op het wapen gekomen kunnen zijn. De Germaanse volken schenen hier de gewoonte te hebben om na het slachten van de os de kop te gebruiken om die op hun eigen hoofd te zetten en zo de vijanden schrik aan te jagen. Daar zagen vroege hertogen van Mecklenburg wel brood in en zo zou het dus gebeurd zijn. Heel zeker is het niet, maar het is een mooi verhaal.

Viermaal 1/4 Schilling op de eerste zegel van Mecklenburg-Schwerein (ebay)

Viermaal 1/4 Schilling op de eerste zegel van Mecklenburg-Schwerin (ebay)

Op 1 juli 1856 verschenen de eerste postzegels in Mecklenburg-Schwerin. Het zouden er totaal maar 8 worden, maar alle tonen de stierenkop, net zoals de 6 zegels die vanaf 1864 in Mecklenburg-Strelitz uitgegeven werden. Een bijzonderheid was dat de eerste zegel uit vier kleine zegeltjes bestond. Dit had te maken met het feit dat Mecklenburg nog de Schilling hanteerde als munteenheid, waar het grootste deel van Noord-Duitsland gebruik maakte van de Taler, onderverdeeld in 30 Silbergroschen, die gelijk waren aan 48 Schillinge. Vanwege deze onhandige omrekeningsfactor waren zegels van een kwart Schilling dus hard nodig om bij te kunnen plakken en zo kon je voor een hele Schilling er tegelijk 4 kopen. Mecklenburg-Strelitz, dat een veel nauwere band met Pruisen had, hanteerde voor zijn 6 postzegels overigens wel de Silbergroschen.

Duitse Bondsrepubliek Mi 1661 uit 1993 met het wapen van de deelstaat Mecklenburg-Vorpommern

Duitse Bondsrepubliek Mi 1661 uit 1993 met het wapen van de deelstaat Mecklenburg-Vorpommern

Als ontwerper staat voor alle Mecklenburgse postzegels, zowel van Schwerin als Strelitz, Adolf Otto (1830-1907) te boek. Otto, zoon van een begrafenisondernemer, kwam uit Güstrow, waar hij op jonge leeftijd in de leer ging bij een meestergraveur. In 1849 vestigde hij zich als graveursgezel in Frankfurt am Main, om na enkele jaren weer terug te keren in Güstrow, samen met zijn in Frankfurt ontmoete en niet onbemiddelde vrouw Catharina Löhrl. Met die bruidsschat kon hij zelfstandig graveur en drukker worden in zijn geboortestad.

Het bijzondere van Adolf Otto was niet alleen dat hij verantwoordelijk was voor alle Mecklenburgse postzegels, maar ook voor de eerste vier zegels van een totaal ander land, namelijk Transvaal! Hoe hij aan die opdracht gekomen is wordt uit de archieven echter niet meer duidelijk. Later bleek dat veel van de grote hoeveelheid vervalsingen van de eerste Transvaalse zegels – echte zegels zijn schaars! – gewoon ook bij Otto uit zijn drukkerij kwamen en via een Hamburgse handelaar de wereld ingestuurd werden. Te zijner tijd kom ik daar nog wel op terug.

Een priester op de barricaden, daarover de volgende keer.