1 januari 1851 – Mercurius

De Mercuriusfontein in Leeuwarden (1921, Gustav Adolf Bredow)

Van alle Romeinse godheden is de verreweg het meest op postzegels afgebeelde Mercurius, maar eigenlijk is dat niet in zijn oorspronkelijke Romeinse verschijning, maar in die van zijn Griekse evenknie Hermes.

Hermes Ingenui, een Romeinse kopie van een Grieks beeld (Vaticaans Museum)

Hermes Ingenui, een Romeinse kopie van een Grieks beeld (Vaticaans Museum)

Mercurius werd, net als Ceres, bij het begin van de Romeinse Republiek geïntroduceerd als god van de graanhandel. Naarmate de tijd vorderde kreeg hij meer taken, zoals god van de handel in het algemeen, van de daarmee samenhangende winst, van de reizigers en zelfs de dieven. Toch komt dat alles nooit terug op postzegels, want daar zie je vrijwel zonder uitzondering enkele attributen van Hermes, de Griekse godheid die als de ‘bode der goden’ diende: de gevleugelde helm, de caduceus (de Mercurius- of Hermesstaf, in het Grieks kerykeion) en ook niet onbelangrijk de vleugels aan de voeten of sandalen. Bij de verovering van Griekenland in de 2e eeuw voor Christus werden deze zonder meer door Mercurius overgenomen. Vandaar dat ik het verder over Hermes zal hebben.

Hermes op een Griekse postzegel uit 1901 (Mi 128), naar een beeltenis van de Vlaams-Italiaanse beeldhouwer Giambologna

Hermes was de zoon van oppergod Zeus en de bergnimf Maia, zelf weer een dochter van de titaan Atlas, die voor straf de hemel op zijn schouders moest nemen. Zeus moest haar, vanwege haar verlegenheid, diep in een grot van de berg Cyllene op de Peloponnesus verleiden, zo vertelt Homerus ons. Het resultaat was Hermes. Al direct na zijn geboorte was het een bedrijvig ventje, binnen een dag had hij de lier uitgevonden, door snaren te spannen op een schildpaddenschild, en om zijn honger te stillen had hij een vijftigtal runderen gestolen van notabene zijn halfbroer Apollo. Toen Zeus dat bemerkte bemiddelde hij tussen zijn zonen en kreeg Apollo zijn kudde terug. Apollo op zijn beurt was verrukt over de door Hermes gemaakte lier en ruilde zijn kudde en staf tegen het instrument, wat daarmee tot zijn attributen ging horen.

Om Hermes een taak te geven werd hij door Zeus benoemd tot zijn bode, die boodschappen moest overbrengen tussen de leden van de oppergod’s inmiddels enorme godenfamilie. Het belangrijkste attribuut voor die taak was de van Apollo gekregen staf, die was omwonden door twee slangen, die, zoals één van de verhalen gaat, door Hermes gescheiden werden toen ze in gevecht waren geraakt. Later kwamen daar nog vleugels bij, om de gevleugelde snelheid van Hermes mee aan te geven. Zo kreeg hij ook vleugels op zijn hoofddeksel en aan zijn sandalen.

Hermes bindt zijn sandalen (Griekenland Mi 167)

De helm is gebaseerd op de ‘petasos’, een in Thessalië door boeren gedragen zonnehoed.  Aan de hoed was vaak een ‘chlamys’, een mantel, verbonden om het ontblote bovenlijf tegen de zon te beschermen. Deze wordt ook door Hermes gedragen. De gevleugelde helm is het meest op postzegels afgebeelde attribuut.

De eerste Oostenrijkse krantenzegel met beeltenis van Mercurius (Mi 6)

De gevleugelde sandalen tenslotte verbeelden Hermes’ snelheid en behendigheid. Vaak ook zijn de vleugels direct aan de voeten gebonden. De sandalen werden in verband gebracht met een opdracht die Hermes van Zeus kreeg om de reus Argos te doden. Argos bewaakte namelijk de koe die hij van Zeus’ ‘wettige’ vrouw Hera had gekregen. De koe was in werkelijkheid de mooie nimf Io, waar Zeus verliefd op was geworden, wat hij echter voor Hera wilde verbergen. Hermes benaderde Argos, een reus met 100 ogen waarvan er altijd twee geopend waren, als geitenhoeder en speelde een liedje op zijn fluit waardoor zelfs de laatste wakende ogen dichtvielen. Nu kon Hermes toeslaan, hem de kop afhakken en de koe bevrijden. Hera kon dit niet aanzien en schonk de 100 ogen aan de veren van de pauw. Ook verjoeg ze de koe, het beest rende de zee in die nu nog bekend is als de Ionische zee. En Hermes? Die bond zijn sandalen volgens enkele verhalen en verdween snel van het toneel.

In zijn Romeinse gedaante als Mercurius beeldde Oostenrijk in 1851 als eerste land de godheid af op zogenaamde krantenzegels, bedoeld om kranten, die een speciaal tarief genoten, mee te frankeren. Oostenrijk was het eerste land ter wereld dat krantenzegels uitbracht. Het thema werd tot na de Eerste Wereldoorlog gebruikt: in het begin van de jaren 20 werd het krantentarief afgeschaft.

Voorbeelden van andere postzegels met Mercurius (Frankrijk Mi 376, Suriname NVPH Lp1 (met posthoorn!), Nederland NVPH Lp7 en België Mi 331)

Griekenland volgde in 1861 met Hermes-zegels, nu als frankeerzegels. Hermes was tot 1924 verreweg het meeste afgebeeld, in een serie van 1911 bindt hij zelfs zijn sandalen. In de moderne tijd komt Hermes nog vaak op Griekse postzegels voor met name als mythologisch figuur, waar elders in de wereld hij (meest als Mercurius) vooral als bode met zijn attributen wordt afgebeeld, of zelfs met een posthoorn…

Volgende keer een koning van een klein land dat groot werd.